Kritisch, betrokken, onafhankelijk en nieuwsgierig

Relativeringsvermogen

In het park speelt een oude man in zijn eentje een schaakspel. Het ziet er merkwaardig uit. De man staat na elke zet op, waggelt naar de stoel tegenover hem, gaat zitten, parkeert zijn hand onder zijn kin waarmee hij de welbekende nadenkpose toont en verschuift dan na luttele minuten een schaakstuk. Dit herhaalt zich. Af en toe glijdt zijn elleboog weg, waardoor zijn hoofd eventjes bungelt. Ik loop naar hem toe.

 

                    Ik:             Wat doet u?

                    Man:         Schaken.

                    Ik:             In uw eentje?

                    [stilte]

                    Ik:             Waarom?

 

 De oude nek van de man draait zich tergend langzaam om. Hij kijkt me voor het eerst aan.

 

                  Man:            Zo win ik. En verlies ik.

Sinan heeft even tijd over. En daar moet iets mee gebeuren.